Wat is geld? #1



Het doel van deze lessenserie is om een beter begrip van de economie te krijgen, zodat we de wereld nog beter kunnen maken. Maar dan moeten we de hedendaagse economie begrijpen. Om de hedendaagse economie te begrijpen, moeten we de eurocrisis begrijpen. Om de eurocrisis te begrijpen, moeten we de bankencrisis van 2008 begrijpen. Om de bankencrisis dan weer te begrijpen, moet je de rol van de centrale bankiers begrijpen, maar om de centrale bankiers te begrijpen, moet je de geschiedenis van het bankieren begrijpen. Om de geschiedenis van het bankieren te begrijpen, moet je begrijpen wat bankieren is en om goed te weten wat bankieren is, moet je de geschiedenis van het geld begrijpen. Om de geschiedenis van het geld te begrijpen, moet je tot slot weten wat geld is. 

Daarom beginnen we deze lessenserie met de vraag: “Wat is Geld?”.We gaan ontdekken waarom mensen nou eigenlijk geld gebruiken en we gaan zien hoe geldgebruik ooit ontstaan is.

Geld is één van de meest onbegrepen onderwerpen in de wereld. Wij mensen zijn elke dag wel met geld bezig. Alleen weten we heel weinig over wat geld nou precies is en waar het ooit vandaan is gekomen.

Om te begrijpen wat geld is, moeten we eerst kijken naar de natuur van onze menselijke soort. Duizenden jaren terug jaagden de leeuwen op antilopen. Wij mensen waren zelfvoorzienende boeren. We zijn nu duizenden jaren verder; de leeuwen jagen nog steeds op antilopen. En wij mensen maken spaceshuttles, wolkenkrabbers en vliegtuigen.

Waarom wij ons zo ontwikkeld hebben ten opzichte van elke andere soort op de aarde komt voort uit het feit dat wij mensen een hogere capaciteit tot redelijk gedrag hebben. Hierdoor kunnen wij ons verstand ontwikkelen. Dit zorgt ervoor dat wij mensen de enige soort zijn die onze kennis generatie na generatie kunnen uitbreiden.

Hierdoor is er zoveel kennis ontstaan dat geen mens al die kennis zou kunnen verwerven en toepassen in zijn leven. Dat is één van de redenen waarom wij mensen ervan profiteren om onderdeel te zijn van een menselijke samenleving. Omdat we de kennis en alles wat dat met zich meebrengt met elkaar kunnen delen. Met andere woorden: we kunnen met elkaar waardes uitwisselen of anders gezegd: handelen. Zo kan iemand die weet hoe je appels moet telen, zijn appels weer ruilen met iemand die verstand heeft van het fokken van kippen.

In het verre verleden ging dat handelen tussen mensen erg moeizaam. We deden toen aan ruilhandel. Dat maakte handel erg moeilijk. Hoe dat kwam had aantal redenen: het eerste probleem was de wil. Dat houdt in dat bijvoorbeeld een appelboer die een kip wil, op zoek moet gaan naar een kippenboer die ook toevallig behoefte heeft aan appels. Dat was heel onhandig omdat handelspartners niet altijd nood hadden aan hetzelfde goed.

Het tweede probleem van ruilhandel was het probleem van de ondeelbaarheid van goederen. Denk daarbij aan een persoon die een diamanten ring wil ruilen. Stel dat die persoon er allerlei goederen voor zou willen hebben zoals kippen, brood, klei en allerlei groenten. Dan kan de eigenaar van de ring die ring natuurlijk niet opsplitsen en hem proberen te ruilen bij verschillende handelaren. Hij moet dan een handelspartner zoeken die toevallig al deze goederen heeft en die toevallig wil ruilen voor een diamanten ring. Dat was in de praktijk vaak onmogelijk.

Het derde probleem van ruilhandel was sparen. Stel dat een melkboer wil sparen voor zijn pensioen. Hoe zou die dat moeten doen als zijn product melk zo snel vergaat? Dit maakte grote investeringen dus ook onmogelijk omdat je daarvoor kapitaal moet kunnen sparen.

Het gevolg van al deze belemmeringen was dat waardes uitwisselen of anders gezegd handel tussen mensen moeilijk en traag verliep en dat mensen weinig handel dreven en dus voornamelijk zelfvoorzienend leefden en daardoor erg arm waren. Maar de mens, zoals we weten, heeft behoefte om zoveel mogelijk te kunnen handelen om zo zijn leven te verbeteren. En zo bedachten we het geld om de nadelen van ruilhandel niet meer te hoeven ervaren.

Maar hoe is geld ooit ontstaan? Velen denken dat het ooit is ingevoerd door een wijze leider van een land of dat een groep mensen een afspraak heeft gemaakt om geld als betaalmiddel te gaan gebruiken. Het tegendeel is echter waar: geld is spontaan ontstaan op de vrije markt omdat er wijze personen waren in de samenleving die begrepen dat indirecte uitwisseling voor hen een voordeel kon opleveren.In essentie begrepen deze personen dat je een eigen goed voor een ander goed kon ruilen dat je niet direct zelf nodig had, maar dat je goed kon gebruiken als middel om gemakkelijker te ruilen.

Ik zal hiervan een voorbeeld geven: stel je voor dat je in een ruileconomie een appelboer hebt. Die appelboer wil graag aardappelen, brood en een kip hebben. Maar in plaats van op de normale manier op zoek te gaan naar een aardappelboer, bakker en kippenboer die toevallig appels wilden hebben, koos de appelboer ervoor om eerst zijn appels te ruilen voor cacaobonen. Dat deed hij omdat hij dacht dat cacaobonen een hogere verkoopbaarheid hadden dan appels. Dat wil zeggen dat cacaobonen makkelijker verhandelbaar zijn dan appels.

Dat werkte erg goed.Hij ruilde zijn appels voor cacaobonen en hij kwam nu veel sneller aan zijn benodigde goederen dan voorheen: hij kon dus sneller en gemakkelijker handel drijven. Dat begon steeds meer mensen op te vallenen die gingen de methode van de appelboer imiteren. Dat maakte de verkoopbaarheid van de cacaobonen nog groter omdat steeds meer mensen ze gingen zien als ruilmiddel. Zo werden in deze samenleving cacaobonen een ruilmiddel voor goederen, met andere woorden geld. Men hoefde dus de nadelen die ruilhandel met zich meebracht niet meer te ervaren. Omdat cacaobonen veel langer meegingen dan appels, kon hij nu voor het eerst sparen. Nu er dus geld bestond, was er een middel waarmee je waarde kon behouden.

Het voorbeeld van de cacaobonen stamt van de Maya's uit het oude Mexico. Die gebruikten vroeger cacaobonen als geld. Maar in de historie hebben samenlevingen allerlei verschillende soorten geld gebruikt: graan in het Oude Egypte, ijzer in het Oude Griekenland, schelpen in West-Afrika, suiker in het Caribische gebied en tabak in Noord-Amerika.

Als geld vandaag zou verdwijnen, zou dat betekenen dat we terug moeten gaan naar een ruileconomie. Handel zou dus weer moeilijker verlopen en we zouden weer zelfvoorzienend moeten leven. Maar zoals je je kunt voorstellen, zou dat als gevolg hebben dat de meerderheid van de wereldbevolking zou sterven omdat bijna niemand in staat is om zelfvoorzienend te leven.

We spelen dat zelfvoorzienend zijn weleens na voor ons plezier wanneer we op survivaltocht gaan. Maar we weten allemaal dat onze levensstandaard dan drastisch omlaag gaat en dat het met het plezier dan snel gedaan is.

Denk hier eens aan als je nog eens iemand hoort zeggen dat geld de wortel is van al het kwaad of dat geld niet gelukkig maakt. Want geld maakt het samenleven mogelijk.

 Volgende les gaan we dieper in op de voordelen van het gebruik van geld. Om deze les goed af te sluiten, geef ik nu een kleine samenvatting van wat we deze les geleerd hebben, en dat is:

- Dat geld ontstaan is uit de natuur van de mens die er baat bij heeft om onderdeel te zijn van een samenleving om zo handel te kunnen drijven;

- Dat geld een indirect middel is waarmee je kunt ruilen, waardoor handel gemakkelijker verloopt in tegenstelling tot ruilhandel;

- Dat geld een middel is dat je kunt sparen;

- Dat geld ontstaan is op de vrije markt.