Hoe de centraal bankier de economie verziekte. #15


In deze les gaan we zien hoe centrale bankiers de economie hebben verziekt. We gaan erachter komen hoe de Nederlandse huizenmarkt werd verziekt, hoe de internetzeepbel werd opgeblazen waarom recessies goed zijn voor een economie. 

Laten we beginnen met een kleine terugblik. In les 10 hebben we gezien hoe kunstmatige schuld voor kunstmatige economische groei zorgt, wat dan weer leidt tot economische achteruitgang. In les 13 hebben we gezien dat een centrale bank door middel van de rentestand geld in de economie kan pompen. In de afgelopen les, les 14, hebben we gezien dat centrale bankiers dankzij de goudstandaard niet zomaar geld konden creëren uit het niets om op die manier de rente te beïnvloeden. Door het verdwijnen van de goudstandaard in 1971 kon een centrale bank arbitrair de rente beïnvloeden. Hierdoor werd de rentestand van de centrale bank van cruciaal belang voor de vitaliteit van de economie. We hebben de rente al besproken in les 10. Maar we gaan het toch weer even hebben over die rente, omdat je onze economie niet kunt snappen zonder dat rentemechanisme. 

Wat is rente ook al weer? De rente is wat je betaalt om geld te lenen. Wat de rente bepaalt in een vrije markt, is wat men in economisch jargon time preference noemt. Anders gezegd: de tijdsvoorkeur die mensen hebben bij het uitgeven van hun geld. Als jij bijvoorbeeld 100 euro bezit, geeft jou dat het recht om te consumeren. Consumptie geeft je genoegen. Zo kun je met die 100 euro heerlijk eten in een restaurant of je kunt bijvoorbeeld nieuwe kleding kopen. Iemand die op de langere termijn denkt, is bereid die 100 euro consumptie uit te stellen gedurende een jaar, zodat hij/zij na die periode 110 euro bezit. Iemand die op kortere termijn denkt, is dan weer niet bereid die om 100 euro consumptie op te geven voor 10 euro extra over een jaar. Als binnen de bevolking een langetermijnvisie de overhand heeft, dan staat de rente laag. Want hoe meer een bevolking spaart, hoe hoger het aanbod aan geld dus hoe lager de rente. Als een bevolking er een kortetermijnvisie op nahoudt, dan staat de rente hoog. Want hoe minder een bevolking spaart, hoe lager het geldaanbod, dus hoe hoger de rente. De rentestand vormt een erg belangrijke factor, omdat het significante signalen geeft aan actoren in de economie. 

Welk signaal geven lage rentestanden aan ondernemers? Dat zij in langetermijnprojecten moeten investeren. De reden hiervoor is dat een lage rente betekent dat mensen veel sparen. Als mensen veel sparen, betekent dit dat ze hun huidige koopkracht willen verplaatsen naar de toekomst. Ondernemers zijn er dan op gericht aan deze toekomstige vraag te voldoen. Bovendien maken lage rentes langetermijnprojecten goedkoper om te financieren. 

Welk signaal geven hoge rentestanden aan ondernemers? Dat zij in kortetermijnprojecten moeten investeren, want een hoge rente duidt erop dat mensen weinig sparen en dus voornamelijk nu willen consumeren. Ondernemers zijn er dan op gericht om op kortere termijn aan de vraag naar consumptie te voldoen. Bovendien maken hoge rentestanden langetermijnprojecten duurder om te financieren.

Rentestanden geven aan consumenten bepaalde signalen. Lage rentestanden signaleren aan consumenten dat het minder aantrekkelijk is om te sparen. Zo worden ze minder beloond door te sparen. Lenen wordt dan weer aantrekkelijker, want lenen is goedkoper. Hoge rentestanden signaleren dan weer dat sparen aantrekkelijk is, want je krijgt een hogere beloning. Maar lenen wordt hierdoor minder aantrekkelijk, want het kost meer geld om te lenen. 

Alle voorkeuren die consumenten en ondernemers samen hebben, zorgen voor een evenwicht en dit evenwicht is de natuurlijke marktrente. Maar doordat geld losgekoppeld werd van goud, kunnen centrale banken eindeloos de rentestand beïnvloeden. Dit heeft tot gevolg dat de bovengenoemde marktkrachten geen rol meer spelen bij het bepalen van de rentestand. 

Stel: de centrale bank houdt de rente kunstmatig laag. De natuurlijke marktrente zonder bemoeienis van de centrale bank bedraagt bijvoorbeeld 7%, maar door de tussenkomst van de centrale bank daalt de rente tot 1%. Zie les 13 om te zien hoe centrale banken dit precies kunnen doen. 

Ondernemers zullen meer in langetermijnprojecten investeren. Door de lage rentestand lijken langetermijninvesteringen aantrekkelijker. Een lage rentestand geeft aan ondernemers het signaal dat consumenten nu meer sparen en later meer willen consumeren. Alleen zijn die lage rentes kunstmatig en geen gevolg van het feit dat er meer gespaard wordt. De ondernemers worden dus op het verkeerde been gezet, net zoals de visser en kleermaaksters in les 10. Bovendien zullen consumenten relatief gezien minder sparen, want door de kunstmatig lage rente worden ze minder beloond. De lage rente maakt lenen aantrekkelijker, dus gaan consumenten meer lenen en zo geraakt de economie in een disbalans. 

Na de val van de Berlijnse Muur hebben westerse centrale banken de rente drastisch verlaagd. Een voorbeeld is de DNB in Nederland, die liet de rente dalen van boven 9% naar 2% [1]. 

[1] De Nederlandsche Bank rente

De Nederlandsche Bank rente 1992 - 1999

Die 2 % was de laagste rentestand die Nederland toen ooit had gehad, in ieder geval vanaf de data die ik heb sinds 1898. Om dit doel te bereiken, heeft de DNB haar bezittingen doen aangroeien met geld dat nog niet bestond. Zo namen hun bezittingen met 19 miljard euro toe, van 34 naar 53 miljard [2]. 

[2] Bezit van De Nederlandsche Bank (in miljoenen €)

Bezit van De Nederlandsche Bank (in miljoenen €) 1991-1999

Deze stijging werd veroorzaakt doordat de DNB veel gecreëerd geld uitleende aan banken. Zo leende de DNB in 1991 3 miljard uit aan banken. Door de heel lage rentestand in 1999 steeg dit bedrag tot 22 miljard euro, een toename van 19 miljard [3]. 

[3] Leningen DNB aan financiële instellingen (in miljoenen €)

Leningen DNB aan financiële instellingen (in miljoenen €) 1991-1999

Ziehier het effect: de rode lijn geeft de DNB-rentestand weer [4]. Zoals je kunt zien, had dit tot gevolg dat alle rentes in Nederland drastisch omlaaggingen. Zo daalde de rente op leningen van 12 naar 4%. Dat is de gemiddelde rente die banken aanrekenen aan private partijen [4]. 

[4] Renteoverzicht Nederland

Renteoverzicht Nederland

Maar deze lage rentestanden zijn het gevolg van kunstmatige geldcreatie. Zo steeg de geldhoeveelheid in de jaren 90 met ongeveer 80% [5]. 

[5] Geldhoeveelheid M3 Nederland (in miljarden €)

Geldhoeveelheid M3 Nederland (in miljarden €) 1991 2000

Nederland was niet uniek in deze situatie: zie maar naar het Verenigd Koninkrijk. De donkerblauwe lijn toont hoe de Britse centrale bank de rente liet zakken van 15% naar 5%. Je ziet ook hoe deze beslissing alle andere rentes in het VK deed dalen [6]. 

[6] Renteoverzicht Verenigd Koninkrijk

Renteoverzicht Verenigd Koninkrijk

Dit is het gevolg van de beslissing door de centrale bank om de geldbasis te doen aangroeien van 18 naar 31 miljard pond [7]. 

[7] Geldbasis Verenigd Koninkrijk (in miljoenen £)

Geldbasis Verenigd Koninkrijk (in miljoenen £) 1990-2000

We weten nu dat hierdoor het bankensysteem de geldhoeveelheid kan doen aangroeien door middel van fractioneel bankieren. Hier zie je hoe de geldhoeveelheid in het Verenigd Koninkrijk verdubbelde [8]. 

[8] Geldhoeveelheid M3 Verenigd Koninkrijk

Geldhoeveelheid M3 Verenigd Koninkrijk - 1990-2000

In de Verenigde Staten is het hetzelfde verhaal. Zo zie je aan de donkerblauwe lijn hoe de FED de rente liet dalen van 10% naar 3%. Dit was de snelste rentedaling in de geschiedenis van de VS. Je ziet ook hoe allerlei verschillende rentestanden meebewogen met de FED-rente, zoals de Bank Prime Loan Rate. Dat is een referentierente die banken gebruiken voor het berekenen van bijvoorbeeld hypotheekrentes en intrestvoeten op kredietkaarten [9]. 

[9] Renteoverzicht Verenigde Staten

Renteoverzicht Verenigde Staten 1990-1999

Deze lagere rentes zijn dus een gevolg van het centralebankbeleid dat de geldbasis vergroot. Zo werd de Amerikaanse geldbasis meer dan verdubbeld [10]. 

[10] Geldbasis Verenigde Staten (in miljarden $)

Geldbasis Verenigde Staten (in miljarden $) 1990-2000

Dit heeft ook weer als gevolg dat banken meer geld kunnen creëren. Zo kon het bankensysteem de geldhoeveelheid doen stijgen met ongeveer 1400 miljard dollar [11]. 

[11] Geldhoeveelheid M3 Verenigde Staten

Geldhoeveelheid M3 Verenigde Staten

Je kunt natuurlijk denken: “Wat maakt het allemaal uit dat al dat geld gecreëerd werd in al die landen?”. Al dit geld moet natuurlijk ergens heen vloeien. Hier zie je hoe de totale schuld van de Verenigde staten kon stijgen van 13,5 biljoen naar meer dan 26,7 biljoen dollar [12]. 

[12] Totale Schuld Verenigde Staten (in miljarden $)

Totale Schuld Verenigde Staten (in miljarden $)

Bijna een verdubbeling van de schuld op tien jaar tijd. Hier kun je zien hoe de huishoudelijke schuld in het Verenigd Koninkrijk tussen 1990 en 2000 steeg van 342 miljard naar 643 miljard pond, ook bijna een verdubbeling [13]. 

[13] Verenigd Koninkrijk - Schuld huishoudens en non-profit organisaties (in miljarden £)

Verenigd Koninkrijk - Schuld huishoudens en non-profit organisaties (in miljarden £)

In Nederland zien we dezelfde trend. Zo bedroeg de private schuld in 1990 nog 215 miljard euro en in 1999 was deze schuld toegenomen tot 690 miljard euro [14].

[14] Private Schuld Nederland (in miljarden €)

Private Schuld Nederland (in miljarden €) 1990 -2000

Daarbij moet je beseffen dat het in Nederland van 1815 tot 1990 duurde om een private schuld op te bouwen van 215 miljard euro. Daarna kwam er binnen 10 jaar tijd 475 miljard euro schuld bij. Het merendeel van deze schuld was voor rekening van de consumenten. Zo zie je hier de stijging in langlopende leningen voor Nederlandse huishoudens [15]. Je ziet hier hoe die verdrievoudigde op 10 jaar tijd, van ongeveer 110 miljard naar 350 miljard euro. Je kunt in de balk aan de rechterkant zien hoe deze schuld ook veel sneller steeg dan de economie. Zo steeg de schuld in verhouding tot het bbp van ongeveer 20% naar 70%.

[15] Langlopende Leningen Nederlandse Huishoudens (in miljarden €)

Langlopende Leningen Nederlandse Huishoudens (in miljarden €) 1990-2000

In Nederland ging deze schuld voornamelijk naar het kopen van een huis. Banken hadden in de jaren 90 opeens heel veel geld om uit te lenen. Helaas hadden huishoudens niet door dat dit alleen maar kon doordat de centrale bank dat geld in het systeem pompte. Nederlanders gingen elkaar beconcurreren met fantasiegeld van de centrale bank. Hier zie je hoe de huizenprijzen verdubbelden tussen 1993 en 2000 [16]. 

[16] Nederlandse huizenprijs

Nederlandse huizenprijs 1975-2000

Dit kwam dus niet door het extra spaargeld van mensen. Kijk maar eens naar de toename in de zogenaamde tophypotheken [17]. Dat zijn hypotheken waarvan de hypotheekverstrekker meer dan 90% van de huiswaarde inlegt. Je ziet hoe dit fenomeen toenam van 25% naar meer dan 50% in het jaar 2000. 

[17] Percentage tophypotheken in Nederland

Percentage tophypotheken in Nederland 1970-2005

In deze grafiek kun je deze trend ook observeren. Zo verdubbelde de gemiddelde waarde van een hypotheek van 70.000 euro in 1993 naar 140.000 euro in het jaar 2000 [18]. 

[18] Gemiddelde waarde van hypotheken op particulieren woningen (in €)

Gemiddelde waarde van hypotheken op particulieren woningen (in €) 1993 2003

Maar de lage rentestand was niet de enige reden waarom Nederlanders zoveel geld leenden voor het kopen van een huis. De Nederlandse staat heeft daarbij meegeholpen. Zo hebben zij een belastingklimaat gecreëerd dat mensen een prikkel gaf om zoveel mogelijk schulden aan te gaan. Dit komt door de zogenaamde hypotheekrenteaftrek. Dit zijn de hypotheekkosten zonder hypotheekrenteaftrek. Stel: je hebt drie ton nodig voor het kopen van een huis en de huidige rentestand is 5%. Dan betaal je 15.000 euro per jaar aan rente, of 1250 euro per maand. Als iemand 50.000 euro per jaar verdient, dan betaalt die persoon daar ongeveer 40% belasting over. Dat is 20.000 euro per jaar [19]. 

[19] Hypotheekkosten zonder hypotheekrenteaftrek

Hypotheekkosten zonder hypotheekrenteaftrek

De kosten met de hypotheekrenteaftrek zijn als volgt: Nu mag de huiskoper de hypotheekkosten van 15.000 euro aftrekken van zijn belastbaar inkomen. Zijn belastbaar inkomen daalt van 50.000 naar 35.000 euro en hij moet nu over dat bedrag 40% belasting betalen. Waar dat op neerkomt, is dat hij nu 5000 euro minder belasting hoeft te betalen. Dat betekent dat zijn rentekosten nu 10.000 euro per jaar bedragen. Dus hij betaalt in plaats van 1250 euro nu 833 euro per maand voor zijn hypotheek[20].

[20] Hypotheekkosten met hypotheekrenteaftrek

Hypotheekkosten met hypotheekrenteaftrek

Extra belastingvoordeel voor extra schuld in combinatie met kunstmatig krediet door de centrale bank vormde een dodelijke combinatie voor Nederland. Het is net alsof je mensen meer belastingvoordeel geeft voor elke extra kilo overgewicht en tegelijkertijd de prijs van junkfood ook nog eens kunstmatig laag houdt. Kijk maar hoe de hypotheekschuld in Nederland explodeerde in de jaren 90. Zo verviervoudigde de schuld van 56 miljard naar 232 miljard euro [21].

[21] Nederlandse hypotheekschuld (in miljarden €)

Nederlandse hypotheekschuld (in miljarden €) 1990 2000 Dit beleid heeft er mede voor gezorgd dat wij in het jaar 2000 het land waren met de op één na hoogste schuld van alle ontwikkelde landen: 199% van het netto reëel beschikbare inkomen [22], bijna drie keer meer schulden dan bijvoorbeeld de Belgen, hoewel het huizenbezit in België rond 70% lag en in Nederland slechts 50%. 

[22] Percentage schuld naar netto reëel beschikbaar inkomen in 2000

Percentage schuld naar netto reëel beschikbaar inkomen in 2000

Om aan te geven dat al die schuld niet zoveel effect heeft op het huizenbezit, is de Verenigde Staten een goed voorbeeld. Zo had 62,9% van de Amerikaanse bevolking een huis in 1965; vandaag is dat 0,8% meer: 63,7% [23]. 

[23] Huizenbezit Verenigde Staten

Huizenbezit Verenigde Staten

Vraag jezelf eens af of het de moeite waard was om de hypotheekschuld van 330 miljard op te laten lopen tot 14.500 miljard dollar. [24]

[24] Amerikaanse Hypotheekschuld

Amerikaanse Hypotheekschuld

Door de verstorende werking van een kunstmatig lage rente schoten aandelenmarkten ook omhoog in de jaren 90. De Amerikaanse Dow Jones Industrial Average steeg van 2600 punten naar 11.722 punten, een toename van 350%.[25]

[25] Dow Jones Industrial Average (1912-2000)

Dow Jones Industrial Average (1912-2000)

De Britse FTSE  100-index steeg vanaf 1990 van 2000 punten naar 6950 punten rond het jaar 2000, toename van 250% [26]. 

[26] London FTSE 100 (1978-2000)

London FTSE 100 (1978-2000)Onze Nederlandse AEX: hetzelfde verhaal. Die steeg zelfs van 136 punten naar 703 punten, een toename van 416%. Dus je moet je voorstellen dat op papier de 25 grootste Nederlandse bedrijven vier keer meer waard werden binnen 10 jaar tijd [27]. 

[27] Amsterdam Exchange Index (1982-2000)

Amsterdam Exchange Index (1982-2000)Banken creëren in een dergelijk klimaat veel geld. Zo kunnen zij opeens heel veel geld uitlenen dankzij de centrale bank die de rente kunstmatig laag houdt. Hier zie je het bezit van financiële instellingen die gevestigd zijn in Nederland. Je ziet hoe het bezit gestegen is van 447 miljard naar 983 miljard euro, een verdubbeling in 10 jaar tijd [28].

[28] Bezit in Nederland gevestigde financiële instellingen*(in miljarden )

Bezit in Nederland gevestigde financiële instellingen*(in miljarden )

In de VS zie je dezelfde trend: daar steeg het bezit van commerciële banken van 3,3 biljoen naar 5,8 biljoen dollar begin 2000 [29]. 

[29] Bezit commerciële banken Verenigde Staten(in miljarden $)

Bezit commerciële banken Verenigde Staten(in miljarden $)Je ziet dus in grote lijnen hoe een centrale bank een economie kan verstoren door de rente kunstmatig laag te houden en zo fantasiegeld in de economie te pompen. Het creëert kunstmatige groei en je krijgt bubbels. Het probleem van bubbels is dat ze op een gegeven moment uit elkaar spatten. Bubbels zijn namelijk niet gebaseerd op fundamentele waarden, maar alleen op de hoop dat er andere treuzelaars zijn die ook geloven in die fantasiewaarde. Maar die treuzelaars blijven niet eeuwig voorhanden: ze waren in 2000 zelfs eventjes verdwenen. Dat zorgde er dan ook voor dat de bubbels die de centrale bank had gecreëerd, gedeeltelijk leeg moesten lopen. Deze specifieke bubbel noemden we de internetzeepbel, omdat in die periode er overmatig werd gespeculeerd in opkomende internetbedrijven. De AEX was een mooi voorbeeld van hoe deze bubbel uiteenspatte. Zo daalde deze index van 700 naar 250 punten [30]. 

[30]  Amsterdam Exchange Index (1982-2003)

 Amsterdam Exchange Index (1982-2003)Rond deze periode kregen westerse landen af te rekenen met een recessie. Een recessie is, in tegenstelling tot wat we vaak horen, niet het probleem, maar de oplossing. Denk bijvoorbeeld eens aan een persoon die te lang te veel heeft gegeten en te weinig heeft bewogen. Die moet nu opeens gaan sporten en dingen eten die hij minder lekker vindt. Een persoon met een drugsverslaving moet afkicken om weer gezond te worden. Diëten en afkicken zijn voor dit soort personen natuurlijk geen leuke gebeurtenissen, maar ze zijn nodig om weer gezond te worden. Een recessie voor een economie heeft hetzelfde effect. De periode van de ‘boom’ is fantastisch: mensen gaan lekker diep in het rood, de overheid kan lekker populair doen door middel van hogere uitgaven, de huizenprijzen stijgen, de aandelenmarkten gaan omhoog, enz. Maar er wordt een prijs betaald voor dit onverantwoordelijke gedrag. Die prijs is een recessie: dat is de ontwenningskuur, waarbij de samenleving haar uitgavenpatroon weer tot een duurzaam niveau moet terugbrengen en ondernemers hun gefaalde projecten afschrijven. Als je de prijs van onverantwoordelijk gedrag niet accepteert, zou dit betekenen dat je de realiteit niet accepteert en je je door middel van emotie laat afleiden. Dat is nu net de dodelijke combinatie: de bevolking is verslaafd aan het idee dat de politicus vadertje moet spelen en voor hen moet zorgen. De politicus is verslaafd aan macht en wil meer macht uitoefenen en de bankier is verslaafd aan geld en wil daarom dat dit systeem van geldcreatie in stand gehouden wordt. Het resultaat van deze gedachtegang is dat we een recessie bestempelen als een onwenselijk vrijemarktfenomeen, iets waar we met ons allen ‘iets’ aan moeten doen. Wat dat ‘iets’ precies is, zullen we in de komende les zien.

Tot slot wat we in deze les hebben gezien:

  • Centrale banken verlaagden na de val van de Berlijnse Muur drastisch de rentes. Hierdoor liepen schulden spectaculair op tijdens de jaren 90. Het resultaat van dit beleid was dat er een recessie kwam rond het jaar 2000. 
  • Recessie is een gezond vrijemarktfenomeen om de economie te doen herstellen van de schade veroorzaakt door kunstmatige kredieten.

Volgende les: hoe de bankencrisis van 2008 ontstond.